René Victor: biografie | Jan Verstraete

De monumentale biografie van een monument uit de Vlaamse beweging. Met een inkijk in het leven van Paul van Ostaijen en de naoorlogse repressie.

49,50

Beschrijving

René Victor (1897-1984) was niet alleen veruit de belangrijkste Vlaamse advocaat van zijn tijd, hij was ook een vooraanstaande getuige en actor van de Vlaamse Beweging in de waanzinnige 20ste eeuw. 

 

Hij liep school in het Antwerpse atheneum, waar vele later bekende flaminganten hun broek slijtten. Samen met boezemvriend Paul van Ostaijen, raakte hij tijdens de Eerste Wereldoorlog betrokken bij het activisme.

 

Tijdens het interbellum klom hij al snel op de sociale ladder van de Antwerpse advocatuur: van openingsredenaar van de Vlaamse Conferentie, naar voorzitter ervan, van lid van de tuchtraad tot stafhouder. In elke functie streed hij voor de vernederlandsing van de instellingen. Hij splitste de unitaire Fédération des Avocats belges, en richtte de invloedrijke Vlaamse Juristenvereniging op.

 

In 1931 richtte hij het Rechtskundig Weekblad op, waarmee hij – met succes – de Vlaamse politici bij de les te hield om te komen tot de wet op het taalgebruik in gerechtszaken die de integrale vernederlandsing van het rechtsleven in Vlaanderen inhield.

Hij streed eveneens voor een volledig zelfstandige Vlaamse Academie voor Kunsten Wetenschappen en Letteren en werd er in 1939 een van de eerste leden van.

Na WO II verdedigde hij politieke en intellectuele tenoren van de collaboratie zoals Hendrik Borginon, Gerard Romsée, Victor Leemans, Filip De Pillecyn, Jef Van Hoof en honderden anderen. Hij zetelde ook als gemeenteraadslid voor de liberale PVV in de Antwerpse gemeenteraad.

‘De geschiedenis van de Vlaamse beweging is bevolkt met helden. Dit boek richt een monument op voor een man die zijn leven heeft gewijd aan de vernederlandsing van het rechtswezen. Maar het is geen heldendicht. Jan Verstraete borstelt een kritisch portret van de rechtsgeleerde, liberaal, flamingant, kunstverzamelaar en bejubeld icoon René Victor.’

 

 

prof. dr. Bruno De Wever (Ugent)

 

Jan Verstraete (1944) is sinds 1968 advocaat. Hij werd in Antwerpen voorzitter van de Vlaamse Conferentie bij de Balie (1986) en was stafhouder van de Orde van Advocaten (1996-1998). Hij publiceerde meerdere artikels en boeken omtrent de geschiedenis van de Antwerpse advocatuur. Hij schreef Geschiedenis van de Vlaamse Conferentie bij de Balie te Antwerpen, 1960-1985 (1990), De Jodenverordeningen en de Antwerpse Balie, historische studie (2001) en Het grote verzwijgen: een schets van het leven van Edgar Boonen (2013).

Indrukwekkend zonder spektakel

Gepubliceerd op 28 October 2018
Auteur: Externe Auteur

Dat de Vlaamse Beweging oorzaak is geweest van uitbundige rechtsvorming, hoeft geen nadere toelichting. Elke taalwet, elke stap in de staatshervorming is een haast onuitputtelijke bron van wetgeving, parlementaire voorbereiding, min of meer creatieve rechtspraak en dito rechtsgeleerde commentaren. Toch valt het op dat recht als dusdanig amper een thema is geweest in diezelfde Vlaamse Beweging. Het uitdagende boek van Stephen Jacobson Catalonia’s Advocates: Lawyers, Society and Politics in Barcelona 1759-1900(intussen ook al van 2009) toonde aan dat er twee evenwaardige tendensen te onderscheiden vielen in het ontstaan van het Catalaanse regionalisme: een streven naar het behoud van het eigen recht, en een streven naar eerherstel voor de eigen taal. Dat laatste klinkt in Vlaamse oren vertrouwd, het eerste haast onbegrijpelijk. Alle recht dat zijn oorsprong vindt in de Vlaamse Beweging, is Belgisch recht. De zoektocht naar een gemeenschappelijke stam voor het recht van Nederlandstalig België zou trouwens geen sinecure zijn geweest in het licht van de rechtsverscheidenheid die, zeg maar, het pre-revolutionaire graafschap Vlaanderen en het hertogdom Brabant kenmerkten.

Indrukwekkend


Ook daarom is de omschrijving ‘biografie van een Vlaamse strijder van ongemeen belang’ voor het magnum opus van Jan Verstraete over René Victor (1897-1984) geen commerciële overdrijving, maar een terechte kwalificatie. Een titanenwerkis het boek zeker niet alleen door zijn omvang (822 bladzijden in de handelsuitgave, die een verkorte versie is van het proefschrift van de auteur). Daarnaast is Victor op relatief korte termijn in de vergetelheid geraakt, en op het eerste gezicht zijn daar ook goede redenen voor. Verstraete gaat die redenen overigens niet uit de weg, en geeft zeker geen blijk van misplaatst begrip voor zijn geportretteerde. Van Victors inhoudelijk juridisch werk, zeker op het vlak van de rechtsfilosofie, blijft geen spaander heel, en ook het morele verslag van Victors leven wordt meedogenloos opgemaakt.

Overigens is dat morele verslag in al zijn hardheid niet eens spectaculair. Het is het zeer menselijke verhaal van een man die vooruit wil in het leven, en bij die zoektocht weleens keuzes maakt die nadien fout blijken te zijn. Als het waar is dat dappere mensen de gevolgen van die keuzes dan dragen, en verstandige mensen eraan proberen te ontkomen, was Victor een verstandig man. Verstraete beschrijft in die context met alle nodige nuances Victors houding tijdens de Tweede Wereldoorlog, die hij terecht samenvat als ‘zo dicht mogelijk bij de collaboratie, maar niet erin’.

Vernederlandsing rechtsleven


Waarom heeft dan in ’s hemelsnaam een weinig spectaculair leven als dat van Victor een volwaardige biografie verdiend? Het antwoord op die vraag luidt ‘klokvaste vastberadenheid’. Als advocaat, docent, maar vooral publicist zorgde Victor voor het bestaan van een infrastructuur voor het Nederlandstalige rechtsleven in België. Zijn grootste verwezenlijking: het nog steeds bestaande Rechtskundig Weekblad, zorgde ervoor dat week na week de hoeveelheid Nederlandstalige juridische literatuur toenam en bleef toenemen. Eendagsvliegen waren in beginsel niet besteed aan Victor. Daarnaast liet het blad hem toe medestrijders voor de vernederlandsing van het rechtsleven aan te moedigen en van goede referenties te voorzien. Uit eigen ervaring wist hij dat een goede reputatie soms een meer trefzekere weg naar succes was dan grondig en origineel werk. Kortom, Victor zorgde ervoor dat er een ‘Vlaams rechtsleven’ ontstond, ook al wendde hij voor dat dat al een eeuw oud was. Ook het construeren van een verleden behoorde en behoort tot de noodzakelijke paden naar maatschappelijk succes.

De wat gemakkelijke, maar onvermijdelijke vraag is dan of zo’n spektakelvrij leven niet in een meer beknopte vorm kan worden beschreven. Het antwoord is genuanceerd. Zeker bevat het boek passages die evengoed in een afzonderlijke publicatie hadden kunnen worden opgenomen, zoals de beschrijving van Victors rol in een 25-tal repressieprocessen. Anderzijds komt net een leven van aanhoudend kloppen op dezelfde nagels, totdat de structuren zich richten naar het geduldige lobbywerk, het best tot zijn recht in een boek dat even langzaam maar gestadig evolueert als zijn thema. Om een wat makkelijke vergelijking te maken met een bijna-tijdgenoot van Victor: het leven van Claus von Stauffenberg kende een onmiskenbaar hoogte- en dieptepunt met de mislukte aanslag van 20 juli 1944. Hoewel in het leven van Victor natuurlijk ook hoogte- en dieptepunten te ontwaren vallen, is bij hem net de continuïteit, de lange termijn essentieel.

Wroeter


In de geschiedschrijving van de Vlaamse Beweging zijn de wroeters van Victors slag vaak onderbelicht gebleven, zeker als ze veeleer aansluiting vonden bij de gematigde dan bij de radicale vleugel van de beweging. Misschien is het dan ook geen toeval dat Victor een biograaf kreeg die geen historicus, maar jurist van opleiding is – maar zich inmiddels met brio als geschiedschrijver heeft laten kennen.

Beoordelingen

Er zijn nog geen beoordelingen.

Wees de eerste om “René Victor: biografie | Jan Verstraete” te beoordelen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Boekinformatie

Aantal bladzijden 900
Afwerking Hardcover
Uitgever Doorbraak